15 MEI Met Dante van Hel tot Hemel

Het meesterwerk van Dante Alighieri: La Divina Commedia - De goddelijke Komedie in vogelvlucht verteld. In dit programma reizen wij met Dante mee op zijn tocht door de Hel, over de Louteringsberg tot in het Paradijs. Een zeer bijzondere presentatie met luit en beeldprojectie, door Peter Adema en Willem Mook.

 

Dinsdag 15 mei 2018
Aanvang 20:00, inloop 19:30
Galerie Kralingen, Gashouderstraat 9, 3061 EH Rotterdam

Deelname is gratis voor leden van Dante Alighieri Rotterdam, introducés en anderen betalen 10 Euro. Dit is inclusief een consumptie bij de borrel na afloop.

Aanmelden via activiteiten@danterotterdam.nl

 

-o-o-o-o-o-o-o-o-o-o-o-o-o-o-o-

 

Een tocht van iemand die een uitweg zoekt uit een diepe midlife crisis, daarvoor door de hel moet en een proces van zuivering tot hij mag proeven van hemels geluk. Daarbij gegidst door de antiek Romeinse dichter Vergilius, zijn grote voorbeeld, en tenslotte door Beatrice, de vrouw die -zij het op afstand- van jongs af aan zijn gevoelens en gedachten beheerste. Dante blijkt een levendige verteller met een ongehoorde fantasie en prachtige taal. Hij is een grote geest maar ook heel gevoelig, sensitief, angstig, ambitieus, nieuwsgierig. Een niet zo gelukte politicus, die het moest afleggen tegen zijn vijanden in Florence: vanaf 1302 mag hij zijn stad niet meer in op straffe van de brandstapel; dit mede dank zij de intriges van de paus, wiens wereldlijke machtslust hij tot het einde zal bevechten. Al met al leeft en zwerft Dante 20 jaar in ballingschap, terwijl hij zijn Komedie schrijft.

 

Wij treffen Dante aan in een duister woud, helemaal ontredderd. Daaruit bevrijdt hem Vergilius, die hem meeneemt op een tocht door de hel: hier ziet Dante met eigen ogen wat de mens wacht die in zonde sterft. De schrik slaat hem al om het hart als hij leest wat er boven de hellepoort geschreven staat; zonder Vergilius was hij er nooit binnengegaan. Iedere soort zonde heeft zijn plek waar schuldigen zonder berouw hun straf ondergaan. Zo de overspelige Francesca, die vertelt hoe de liefde voor haar Paolo ontstond. Dan komen ze terecht bij de dieven, steeds weer opnieuw door slangen doorboord en in de as gelegd. Maar zijn hart staat stil als zijn gids hem tenslotte Satan zelf laat zien: van hoogste engel een monster geworden, dat vanaf zijn halve tors in het ijs steekt en verraders verslindt. Gelukkig weet Vergilius een geheim pad dat hen uit die tijdloze, duistere nacht weer naar buiten brengt.

 

Ze staan aan de voet van de Louteringsberg, waar zij die wel met berouw stierven hun schuld uitboeten tot ze naar de hemel mogen. Bij de toegangspoort laat een engel hen pas toe als Dante berouw toont over zijn eigen zonden. Hij ziet hoe hoogmoedigen onder rotsblokken gebukt gaan, maar raakt haast verlamd van schrik als hij voor eigen loutering met Vergilius door een vuurzee moet gaan. Zijn gids kan hem alleen maar overhalen door Dante te beloven dat hem daarna Beatrice wacht. Na het vuur brengt een trap hen omhoog. Dan verschijnt  te midden van engelen en bloemen een vrouw, die hij na zoveel jaren door een gloed in zijn lijf herkent als zijn eerste liefde, Beatrice. Ontredderd zoekt hij de steun van Vergilius maar die heeft al plaats gemaakt voor Dante’s ideale geliefde. Zij neemt de leiding over maar spaart Dante daarbij niet, want hij moet geheel gezuiverd zijn voor hij met haar het Paradijs mag binnengaan. In een terzijde vertelt zij aan engelen dat zij altijd over Dante gewaakt heeft, maar hem tenslotte alleen kon redden door hem met Vergilius de hel te laten beleven. Dan laat zij Dante een bad nemen in heilig water, zodat hij gelouterd en als nieuw met haar op kan stijgen naar de sterren.

 

Met Beatrice schiet Dante pijlsnel omhoog naar het Paradijs. Ze komen aan bij de maan die zich voor hen opent en hen in zich opneemt; zonder te splijten, net zoals water doet met een lichtstraal. Zijn nieuwe gids legt uit dat de orde in het heelal het werk is van God, die zelf in de persoon van Christus de mensen bevrijdde uit de oerschuld van Adam. Inmiddels zijn ze in de sfeer van de zon gekomen, sneller dan in tijd te meten valt. Dante ontmoet een verre voorvader, die hem voorspelt hoe bitter in zijn ballingschap het brood van anderen zal smaken. Zo onder de indruk is Dante van zijn Beatrice, dat hij haar schoonheid niet verder in woorden vatten kan. Intussen zijn ze aangekomen in de hoogste hemelsfeer, het pure licht van de geest. Daar mag hij drinken van een lichtrivier, Gods genade, die daarna overgaat in een eeuwige cirkeling. Beatrice is nu onbereikbaar ver van hem af, maar hij kan haar nog zien en uit de grond van zijn hart danken voor alles wat zij voor zijn redding heeft gedaan.

Dan wordt Dante getroffen door een stralengloed  en hij mag in een visioen een glimp opvangen van God. Hij ziet hoe alles in het leven en heelal in Hem zijn zin en eenheid heeft. Maar het is hem als sterveling teveel, het visioen verdwijnt. En Dante komt tot zichzelf, nu met zijn hele wil in het spoor van Gods liefde die zon en sterren beweegt.

Dante Commercianti
Inge van der Kraan Sylvia van der Male Stefano Campailla Sandrina Bokhorst Antonella Petrai Jan Buijs Hans Tetteroo Margot Dullens